Rechter remt bouw van winkelcentra af
Source: fd.nl
Nieuwbouwplannen voor winkels kunnen makkelijker worden aangevochten door winkeliers uit de omgeving. Dit is volgens experts het gevolg van een vrijwel onopgemerkt gebleven uitspraak van de Raad van State van 5 december.
Nederlands hoogste rechtbank fluit daarin Emmeloord terug met haar plannen voor een nieuw winkelcentrum in het stadshart. Emmeloord heeft volgens het vonnis onvoldoende rekening gehouden met verslechterde economische omstandigheden van de afgelopen jaren. Het plan voor een nieuw winkelcentrum dateert uit 2006, van voor de crisis. De Raad van State oordeelt dat de gemeente Noordoostpolder, waar Emmeloord onder valt, niet duidelijk maakt waarom het aanvaardbaar is dat er leegstand te verwachten is bij bestaande winkels als gevolg van de nieuwe concurrentie. De gemeente moet nu ‘alsnog onderzoek op basis van actuele gegevens doen’ naar de noodzaak van nieuwe winkelruimte. En de gemeente moet motiveren waarom het lege winkels aanvaardbaar acht. Als de nieuwe gegevens de rechters niet bevallen, moet Emmeloord het hele plan wijzigen. De gemeente noemt de nederlaag ‘jammer’ omdat het winkelplan nu vertraging oploopt. De woordvoerder van de gemeente nabedrukt dat het een tussenvonnis is. Veel conflicten Volgens de onafhankelijk expert hoogleraar Erwin van der Krabben doen zich in de detailhandel ‘vrij veel’ van dit soort conflicten voor, waarin de rechter de belangen van bestaande winkeliers afweegt tegen nieuwkomers. Normaliter moet een ‘distributieplanologisch onderzoek’ (dpo) uitwijzen of een bouwplan de detailhandel ‘duurzaam’ ontwricht. ‘Het probleem is dat zo’n dpo koffiedik kijken is en vaak schijnzekerheid biedt. En in de veranderende context is steeds moeilijker vast te stellen wanneer iets al dan niet duurzaam ontwricht is. Het begrip is verouderd en aan herziening toe’, aldus Van der Krabben. De hoogleraar stelt zich voor ‘dat er inmiddels aardig wat door gemeenteraden goedgekeurde plannen zijn, gebaseerd op dpo’s van al weer enkele jaren geleden. Door de verslechtering van de economie en de winkelvastgoedmarkt kunnen die onderzoeksuitkomsten snel verouderd raken en liggen er nu dus mogelijkheden om bezwaar aan te tekenen.’ Van der Krabben ziet voor tegenstanders van nieuwe winkels tegenwoordig ook ‘meer ruimte’ vergeleken met vroeger om naar de rechter te stappen. Dit omdat het regionale detailhandelsbeleid nu minder gedetailleerd is. Bestemmingsplannen makkerlijker aan te vechten De hoogleraar wijst er ook op dat ‘de financiële haalbaarheid van bestemmingsplannen in de huidige onzekere economische tijden steeds moeilijker vooraf is vast te stellen, waardoor bestemmingsplannen ook steeds makkelijker aangevochten kunnen worden’. Van der Krabben: ‘Dit gaat nog meer spelen in de toekomst.’ De winkeliers in Emmeloord die tegen het nieuwe winkelcentrum ageren, worden bijgestaan door adviseur Gerrit Sluiskes, een gepensioneerd expert van brancheorganisatie MKB-Nederland. Hij ziet in deze uitspraak van de Raad van State een koerswijziging. ‘Tot nu toe staat in dit soort uitspraken voor de Raad van State het belang van de consument voorop. Meer winkels vindt de raad dan bijna altijd goed. Maar nu wegen ze het belang van bestaande winkeliers sterker mee.’ Eerder wees de Raad van State bijvoorbeeld bezwaren van de beursgenoteerde winkelbeleggers Corio en NSI tegen een nieuw winkelcentrum in Heerlen van de hand. Corio en NSI hebben daar belangen in bestaande winkels.
Terug