Aanpak faillissementsfraude Den Haag succesvol
Source: fd.nl
Het Openbaar Ministerie pakte de afgelopen jaren met succes grote faillissementsfraudes aan.
Maar de kleine zaken bleven liggen. Den Haag ging ook met die kleinere zaken aan de slag. Overhandigen complete administratie Twee interieurstylisten halen begin 2008 een mooie opdracht binnen van het Haagse adviesbureau BTM Services. Maar als ze hun rekeningen sturen, worden die niet betaald. Ze bellen met directeur Peter B., die belooft dat het geld er snel aan komt. Maar het geld komt nooit. Enige tijd later is het bedrijf failliet. De curator komt al snel tot de conclusie dat er iets ernstig mis is met BTM Services. Dat er geen deugdelijke administratie is. De curator vraagt Peter B. om de boekhouding zo snel mogelijk aan te leveren. Als dat niet gebeurt, laat de curator B. gijzelen. Na veertien dagen wordt de gijzeling opgeschort. B. komt vrij op voorwaarde dat hij zo snel mogelijk een complete administratie overhandigt. 'Dat moet anders' Maar Peter B. levert ook na de gijzeling geen boekhouding aan. Reden voor de curator om in februari 2010 bij de politie aangifte te doen van faillissementsfraude. Door het ontbreken van een goede administratie is de curator ernstig gehandicapt. Hij kan geen onderzoek doen naar de oorzaak van het faillissement en kan onmogelijk nagaan of er geld en goederen zijn verdwenen, waardoor de crediteuren zijn benadeeld. Het enige wat hij weet, is dat er een forse schuld is. Leveranciers van BTM Services, onder wie de twee stylisten, vorderen ruim € 250.000. Normaliter blijven aangiftes tegen faillissementsfraudes als die van BTM op het politiebureau liggen. De politie ziet dit soort zaken vaak als een civiele en niet als een strafrechtelijke kwestie. Dat moet anders, vond de top van het Openbaar Ministerie (OM). De vraag was alleen: hoe? Want al jaren klagen curatoren en fraudebestrijders dat politie en OM vrijwel niets doen met aangiftes van curatoren. Daardoor heeft de bereidheid van curatoren om fraudes te melden, een dieptepunt bereikt. Belangrijke eerste beoordeling Johanna Reddingius, fraude-officier bij het OM Den Haag, probeerde als eerste de curatoren mee te krijgen. Dat kan alleen als de politie hun aangiftes voortaan serieus oppakt. Daarom startte de officier een project waarbij ze behalve de curatoren ook de politie en de rechtbank benaderde. De korpsen Haaglanden en Hollands Midden besloten om speciaal voor dit project financiële rechercheurs vrij te maken. Zij hebben meer fraude-expertise in huis dan de doorsnee politieambtenaar. Met de rechtbank werden afspraken gemaakt om zittingsruimte van de politierechter beschikbaar te stellen. Met curatoren kwam het OM overeen dat zij bij het Fraudemeldpunt een melding doen als er geen boekhouding is. Dan wordt bekeken of de melding voldoende aanknopingspunten heeft voor een strafrechtelijk onderzoek. Zo’n eerste beoordeling is belangrijk, omdat curatoren alleen voor een financiële vergoeding van de overheid in aanmerking komen als hun aangifte daadwerkelijk tot een onderzoek leidt. Veertig zaken onderzocht Is kans op een succesvol onderzoek aanwezig, dan doet de curator aangifte. Die wordt binnen korte tijd opgepakt door de financiële rechercheurs. Dankzij de nieuwe aanpak zijn in 2011 en 2012 veertig zaken onderzocht. Zeventien daarvan zijn in 2012 voor de rechter gebracht. Een van die zaken betrof het faillissement van BTM Services. Het leverde oud-bestuurder Peter B. een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op van zes maanden. Met name het gegeven dat hij zelfs na een gijzeling geen boekhouding heeft overhandigd, is hem zwaar aangerekend. Niet alle zeventien zaken hebben tot een veroordeling geleid. Een aantal zaken is aangehouden voor een volgende zitting. In twee gevallen volgde vrijspraak. Zo verscheen één ondernemer op de zitting met een aantal mappen onder zijn arm — volgens hem de administratie. Rechter en officier bekijken de papieren. Ze twijfelen of dit een deugdelijke boekhouding is of niet. Omdat twijfel in het voordeel van de verdachte moet uitvallen, volgt vrijspraak. Het belang van een goede administratie In de overige zaken krijgen verdachten taakstraffen variërend van 60 uur of 100 uur en voorwaardelijke of onvoorwaardelijke gevangenisstraffen. Veel verdachten waren eigenaar van een kleine bv. Het gaat meestal om vaklieden. ‘Die zijn erg gericht op het maken van iets met hun handen. Daar zijn ze vast goed in, maar soms raakt het bijhouden van een administratie daarbij uit zicht’, zegt Reddingius. Zij ziet wel wat in begeleiding of een cursus om startende ondernemers te wijzen op het belang van een goede administratie. ‘Uiteindelijk willen we natuurlijk dat er minder van dit soort zaken bij het OM terechtkomen.’ Volgens de Haagse curator Willem van Nielen is door het project het vertrouwen van curatoren in politie en OM hersteld. ‘Het bevestigt ons idee dat ook aan kleine zaken iets kan worden gedaan.’ Overnemen Haagse project Het landelijk overleg van rechters-commissarissen en de vereniging van curatoren, willen dat het Haagse project zo snel mogelijk wordt overgenomen door andere arrondissementen. Het Functioneel Parket — het fraudeparket van het OM — heeft de collega’s in andere arrondissementen al op het succesvolle project gewezen. Vorig jaar is een recordaantal van ruim 11.000 faillissementen uitgesproken. Volgens onderzoeken is in een kwart tot een derde sprake van fraude. Hoe vaak het voorkomt dat de boekhouding geheel of gedeeltelijk ontbreekt, is niet bekend. De kans om voor faillissementsfraude te worden veroordeeld, ligt al jaren rond de twee procent.
Terug